Yuri van Gelder.

Door Wom op maandag 26 april 2010 16:25 - Reacties (18)
Categorie: Ervaringen, Views: 4.634

Het had zomaar gekund of de naam Wom zou in één adem met bovenstaande naam genoemd worden. Zoals de meesten van jullie wel weten is Yuri namelijk een ringzwaaier van hoog niveau. Dit betekend niet dat hij bij elke juwelier zwaaiend voor de etalage staat maar dat we te maken hebben met een echte atleet.

Ook staat hij bekend om de reden van zijn huidige schorsing; het gebruik van cocaïne. Nu is het enige wat ik ooit in mijn neus heb gestoken van die legoblokjes van 1x1 dus daar gaat enige verdere vergelijking wel mank. Ook wat lichaamsbouw betreft is hij op bepaalde plekken iets gespierder dan ik ooit zal worden en mijn carriëre in het leger zal niet verder rijken als Call of Duty op de Xbox 360.

Nee, met een klein beetje meer geluk was ik gewoon een hele goeie ringzwaaier geweest. En een portie kunde. Want hoewel ik van mezelf al op vrij jonge leeftijd wist dat ik nooit geen echte atleet of sportman zou worden was ringzwaaien iets waar je toch altijd het gevoel bij had dat je nog iets voorstelde.

Benen bij elkaar houden en proberen te zwiepen vanuit je heupen. En op die manier steeds hoger en hoger proberen te komen. Op het moment dat jij in de ringen hing wist je dan ook dat er toch al gauw een blik of twintig op je gericht was om je verrichtingen te volgen.

Niet gek dat je al heel snel jezelf al heel wat vind als je bezig bent met het heen en weer zwiepen van je benen. Ringzwaaien is dan ook iets wat al op zeer vroege leeftijd in het Nederlandse gymgebeuren aan bod komt. Als je het mij vraagt deels om de ego's van jonge jongetjes op te bouwen. Elke keer dat ze klaar waren met hun ringzwaaisessie was hun zelfvertrouwen weer iets toegenomen.

Jarenlang volgde ik datzelfde proces. Maar zoals wel vaker kom je vanzelf je grens wel eens tegen. En het mooie van ringzwaaien is dat wanneer je die grens tegenkomt je verzekerd bent van ongeveer twintig getuigen.

Het was dan ook in het tweede of derde leerjaar van de middelbare school dat ik mijn grens tegenkwam. Vol goede moed was ik al zwiepende heen en weer aan het gaan om te kijken hoe hoog ik kon geraken. Achteraf gezien was dat ook direct mijn grootste fout. Want waar mijn geest dacht dat het echt goed ging was het mijn lichaam wat besloot dat het wel genoeg was.

Op het hoogste punt haalbaar liet ik namelijk los. Absoluut niet bewust dus ik vermoed dat een hogere macht besloot dat ik mijn grens bereikt had. Dankzij de zwaartekracht kwam ik dan ook met enige spoed weer terug beneden. Gelukkig voor mensen die vallen worden er altijd matten onder de ringen gelegd zodat men zich niet bezeert als ze uit de ringen vliegen.

Jammer dat de school niet over genoeg matten beschikte om ook de plek waar ik neerkwam te voorzien van een mat. Op kin en knieën landde ik op de grond met een geschrokken leraar als gevolg. Bril op half zeven, gehavende tanden, knieën en kin kapot en een flink gedeukt ego was het eindresultaat.

Vanaf toen wist ik wel dat mijn ringzwaaicarriëre voorgoed voorbij was. Alhoewel eerlijkheid mij gebied te zeggen dat ik wel een soort van indruk gemaakt heb. De rest van het jaar moest er namelijk niet meer geringzwaaid worden en de leraar heeft nog wel een keer of drie gebeld om te controleren of ik nog in leven was.

Dus je ziet, het had niet veel gescheeld of ik was in één adem met Yuri van Gelder genoemd. Het kan raar lopen soms.

Zwemles.

Door Wom op woensdag 7 april 2010 22:01 - Reacties (44)
Categorie: Ervaringen, Views: 6.395

Zo'n beetje iedereen zal het wel gehad hebben: zwemles. Het leren niet te verdrinken in water is iets wat bij een land als Nederland hoort. Sommigen zijn geboren met een natuurlijk talent niet te verdrinken, anderen vinden meer inspiratie bij een baksteen. Al vrij snel was het duidelijk dat ikzelf meer het type gebakken en balkvormig was.

We gaan terug naar een jaartal waarin ik 4 jaar oud was. Mijn ouders gingen samen met vrienden van hun op vakantie in Spanje. Lekker in de zon beetje chillen (toen noemde ze dat nog ontspannen) en af en toe een duik in het zwembad. De vrienden van mijn ouders hadden ook een kind wat ietsje ouder was dan mij.

Leuk als het is om met je kinderen te spelen gooide onze vaders ons in het zwembad. Mijn één jaar oudere vriendinnetje kwam al snel bovendrijven en zag er de humor wel van in. Enige tijd later kwam ik ook boven water. Deze keer wel geholpen door twee geschrokken vaders. Je zou zeggen dat hier al enige waarschuwing uit op te maken was.

Helaas. Wat je van nature niet kan moet dan dus wel aan te leren zijn. Aldus mijn ouders. Braaf werd Wom opgegeven voor zwemles bij zwemclub de Kikkers. Maandagavond om 18:00 was mijn vaste tijd om braaf mijn twee guldens in het bruine bakje te deponeren. Dit verschafte mij dan toegang tot de wereld van de zwemlessen voor welgeteld een heel uur.

Goed, je hebt dus mensen welke van nature goed uit de voeten komen in water. Waarschijnlijk in een vorig leven walvis of zeehond geweest. Ik denk dat ik in een vorig leven een woestijn ben geweest. Met water heb ik in ieder geval weinig te maken gehad. Waar andere medestudenten al snel door mochten naar badje twee zag ik telkens opnieuw een nieuwe lading starters komen. En weer gaan. En weer komen. En weer gaan.

Alle begin is moeilijk maar wanneer ik eenmaal de basis wat onder de knie had zou het vast beter gaan. Geloof nooit een man op badslippers zou ik willen zeggen. Want waar anderen op verjaardagspartijtjes wel het diepe in mochten moest ik in het kinderbad waar er minder risico was dat ik verdronk. En geloof me maar dat er heel wat verjaardagen zijn waar je van te voren al je zwemkleding voor moest klaarleggen.
Maar ach, de gedachte dat wanneer we terugkwamen friet/wafels/poffertjes/etc.. zouden eten hielpen me op de been. Of bover water in dit geval.

Toen ik inmiddels in het diepe terecht was gekomen en klaargestoomd werd voor mijn A-diploma had ik inmiddels al een klein trauma opgebouwd. Op zondagavond had ik er al de pest in dat ik op maandag om 18:00 mijn twee gulden in dat bruine bakje moest steken. Elke week werd de haat voor die zwemles iets meer.

Op een gegeven moment viel ik dan ook echt op. Ik was dan al het kneusje wat er echt geen donder van kon maar op een gegeven moment word het leeftijdsverschil zo groot dat je ook fysiek gaat opvallen. Je kunt je dus wel voorstellen dat ouders die door de wand naar hun eigen kroost keken hun ogen niet konden afhouden van dat ene 'nét wat te dikke uitgevallen ventje met teveel haar' welke continue in gevecht was met zijn eigen arm- en beencoördinatie.

Dan komt er toch de dag dat je voor je A-diploma op mag. Niet vanwege kunde maar meer omdat men bang was dat ik de andere jongetjes in de kleedkamer teveel zou intimideren. Eén van de onderdelen was het watertrappelen. Een minuut lang 'iets' doen met je benen waardoor je boven blijft. Het geluk wat ik had was dat ik tijdens de lessen een achternaam had met de letter W. Ook buiten de lessen overigens maar hier kwam het echt van pas. We moesten namelijk op basis van het alfabet opstellen en ik mocht dus als laatste het bad in. Dit scheelde me toch al een kleine tien seconden aan trappelen. Maar een nog groter voordeel was dat ik heel dicht tegen de rand was. En liet die rand nu net een randje hebben waar ik net met mijn teen op kon leunen. Dit zorgde ervoor dat ik af en toe kon smokkelen zodat ik toch boven leek te kunnen blijven.

Niks mis met deze techniek. Alleen wel bij het afzwemmen voor mijn A-diploma. Alsof de ouders vanachter het glas speciaal hadden besteld was er opeens iemand met een Z als eerste letter van de achternaam welke afzwom. Ik had denk ik mijn gehele collectie lego had gegeven voor een achternaam vernoemd naar ZZ-Top. Maar hoe hard ik ook hoopte, ik moest toch het bad in.

Een minuut kan lang duren. Een minuut lang een tepelklem op je tong bevestigen duurt voor je gevoel lang. Een minuut watertrappelen duurde voor mij een werkelijke eeuwigheid. Wild bewegend en happend naar lucht probeerde ik die minuut te overleven met mijn linkervoet naarstig zoekend naar een richel voor verlichting. Als een waar godswonder overleefde ik echter de minuut.

Als eerste ging ik mijn baantjes trekken en als laatste kwam ik eruit. Hoorde mijn zwemlerares nog zeggen tegen de examinator: "... maar hij komt er toch ook nog uit uiteindelijk...". Nee, afzwemmen en Wom was als trombone spelen in een telefooncel. Het zal misschien wel lukken, maar het zal erg krap worden en mooi zal het allerminst zijn.

Wat steekpenningen en goede woordjes van de zwemlerares later bleek dan toch dat ik voldoende niet verdronken was om mijn A-diploma in ontvangst te mogen nemen. Blij als een kind (scheelt dat ik dat ook was) dacht ik dat ik eindelijk verlost was van die kwelling op maandagavond.

Helaas.

Wom moest ook op voor zijn B-diploma. Want dan leer je met kleren aan zwemmen en dat is natuurlijk heel belangrijk. In de tijd die ik voor mijn A nodig had, had ik Spaans en Italiaans kunnen leren. Of de hoogste score met Super Mario ooit kunnen zetten. Maar nee, ik moest moest leren hoe ik met een oud t-shirt en een nog oudere broek op waterschoenen mezelf moest zien te overleven in water.

Eerlijk is eerlijk dat mijn B-diploma minder moeite kostte als mijn A-diploma. Misschien het feit dat ik ondertussen al 6,5 jaar op zwemles zat en daardoor sowieso sterker en meer conditie bezat als alle andere kinderen. Misschien dat men me liever kwijt dan rijk was. Of misschien wel dat de ouders van achter het glas mijn gestuntel nu toch echt beu waren geworden. Wat het precies was weet ik niet, maar sneller als verwacht had ik dan zowel mijn A- als B-diploma. Inmiddels had ik al verzekerd dat hierna de zwemlessen voor mij stopte.

Victorie! Vrijheid! Wereldvrede!

Eindelijk was ik er vanaf. De examinator gaf me nog een compliment met mijn vermogen om onder water te zwemmen en vroeg of ik geen interesse had om verder te gaan. Hij zag namelijk wel potentie in mij. Maar nee, het plezier in zwemmen was ik 323 baantjes daarvoor toch echt wel al verloren.

De maandag werd weer een wat leukere dag. Zwemfeestjes kon ik ten volste aan meedoen en de gedachte dat ik zwemles had was voor mij eindelijk verleden tijd. De gehele zomer kon ik mijn geluk niet op. Het was sowieso al een spannende zomer omdat ik naar de middelbare school ging dus het zou allemaal wel goedkomen.

Toch denk ik dat één van die ouders welke altijd achter het glas in het zwembad zat ook in het schoolbestuur zat. Want er was een kleine wijziging in het lesrooster aangebracht. Meer beweging is namelijk goed voor kinderen. En dit combineren met een lesgevend element al helemaal. Atletiek was leuk geweest. Of hockey. Basketbal of rugby had ik absoluut geen probleem gevonden. Maar nee. Als een boemerang vol met nachtmerries was ik weer helemaal terug bij af. Ze voerden namelijk een nieuwe activiteit voor de dinsdagochtend in na een afwezigheid van een kleine 20 jaar.

Schoolzwemmen. En bedankt.


Ps. Mocht je het jezelf afvragen. Op de rug vouwde ik dubbel als een boek en de schoolslag kon ik het niet voor elkaar krijgen mijn benen tegelijkertijd te sluiten. En dat vriendinnetje wat in het Spaanse zwembad kwam bovendrijven heeft uiteindelijk alle zwemdiploma's gehaald en zelfs nog zwemles gegeven.